e Stem m het Hap HEURSEL, Gezichtskundige Botersiraat, 41, IEPER wwm in Leening De Veekweeksyndikaten Doet GRATIS uwe OOGEN ONDERZOEKEN HEURSEL Schoolgerief W oordenboeken ZEISS Glazen ',c GEMENGDE STROP Wanneer, is eenr vrouw gelukkig?" KIN DER RIJTUIGEN GEDACHTEN UIT D MAAN ik niet weet, of ik wel lang meer leven, En als ik dan niet alle» aan u door Ja van OPTIEK IN DEN NEGER ONS WEKELIJKSCH RAADSEL Een goede laag gemengde stroop bbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbbb A. - OPRICHTING B. - DOEL C. - WERKING ROND DE XVIII6 IJZERBEDEVAART j NIEUWE VERLICHTING VAN DE IJZERTORENKRYPTE AANBESTEDINGEN ■BBBBflBBBHBBHBHHBBBHBHBBHflBIlBBBBBBBBBIBflBBBBBBBBBBlSElBBBflK A. MOHCAREY - DECANTE MEER DAN 40 MODELLEN. bijvoegsel AAN DE POTEEING3NAAR EN LS IIAT.LE VAK ZONDAG! ii SEPTEMBER 193t. NV ST." De rechte handel is de rechte wandel. Als de spijze mindert meest de honger. Lekker kele kost zoo vele. Draagt uwen vriend tot Roome a toe, en zet hem daar onzachtjes neer, ge zijt uwen dank kwijt. Armoe en schendt geen eere, ÖITMANNfKE" PAMES, HEBREN, VRIENDEN SAMEN Van het Poperingsch gebied 'k Ga U weeral eens verhalen, Wat er dees week is geschied. 'k Zal U spreken over dingen Die ge wel of niet en weet. Van den os op 'n ezel springen Nieuws dat is er, met de vleet, Want de wereld, beste vrienden, Draait. Dat weet ge allen wel. En elkeen kan 't ondervinden, Dat op 't lest wordt, zottespel. VAN ZOT GESPROKEN. 'k Was Verleden weck in de statie van Oostende Om den trein naar Brussel te nemen. Ik Was acht dagen schoon leven komen door brengen aan de zee, maar mijn klein va- cantieke was nu door. 'k Mocht terug naar huis, met pak en zak, bruingebrand van zon en lucht, maar met 'n leegen porte- monnale. Enfin, 'k ging dus mijn trein nemen. Daar komt daar almeteens ne vent aangeloopen, recht bij 'n pakskensdrager. it Zag er zoo 'n halven kwibus uit en hij zeg't: 'k Zou moeten den trein nemen! Voor waar naartoe? vraagt de drager. Dat zeg ik U niet, 't zijn uw zaken niet! antwoordt de kwispel. Hij zegt gedurig hetzelfde aan andere personen en eindelijk komt de statieover ste daar aan. Maar mijnheer, zegt hij, als ge wilt dat we U zeggen, waar uw trein staat, dan moeten we toch weten, waar ge heen gaat Heel goed, antwoordt de zot, ik ga naar Brussel. Spoedt U dan, want de trein gaat vertrekken. Ik zat reeds goed in 'n hoekje van de afdeeling, toen de zot er ook binnenviel. Wanneer de trein zich nu in beweging zette, sprong hij tot voor 't venster en riep naai- buiten, naar den statieoverste: Hé! Nu heb ik U eens goed vast ge had! Ik moet niet naar Brussel, maar haar Kortrijk! En lachen dat hij deed! ALS WIJ LEZEN IN DE BLADEN Over 't land van Onkel Sam Kan op voorhand men reeds raden. Wat hun weeral overkwam. Steeds en altijd 't zelfde ding, Nog en nog maar Kid-napping. Daar zijn al zooveel oplichtingen ge beurd. Te beginnen met het kleintje van Lindbergh en dat houdt maar niet op. Maar ge meet daarom zoo ver niet loo- pen als Amerika. Mijnheer Vincent Hui- dobro, 'n hooge personaliteit uit Chili die in Parijs in de Ambassade werkt is ook 'n slachtoffer van Kid-nappers geweest. Na met een vriend een glas gedronken te hebben tegen de statie van Montparnasse ging' hij te voet naar Auteui!, waar hij een zakenvergadering moest voorzitten. Eens klaps stopte er een taxi nevens hem. en iemand riep zijn naam. Mijnheer Huido- bro gaat kijken, maar opeens wordt hij in de auto getrokken, gechloroformeerd en gebonden. Hij werd ergens in een appar iement gedragen, en daar verplichtten zijne ontvoerders hem, honderd maal te schrijven: «Engeland mag niet tegenge werkt werden Mr Huidobro had eenige dagen te voren een antl-Engelsche voor dracht gehouden. Na deze straf werd hij terug in een taxi geworpen en naar huis gevoerd. EN DIT GEBEURDE niet in Parijs maar aan de haven van Oostende. Su"kewiet moest visch koopen en zocht. Hij kwam aan een tafeltje, waar de vischverkoopster hare waar had uitgestald. Hm! Hij ziet er niet versch uit, uwe visch, madammeke! Niet versch, reept zij verontwaardigd. Niet versch, maar zie eens mijnheer, hij ademt nog. 'k Zeg niet, 'k zeg niet, antwoordt Suskewiet. Hij ademt neg, 't is waar, maar 't is 'n stinkenjtïn asem! VAN STINKENDEN ASEM GESPRO KEN. Iemand die een beetje te veel ge dronken heeft, krijgt ock zoo'n welrieken- den biergsur. Maar ge moet het allen hcoren, Werpt mijn raad nu niet verloren. Drinkt een pint op tijd en stond Da's voor maag en hart gezond. Doch daarom niet overdreven Of zooniet verkort g'uw leven. Want wie veel aan Bacchus offert, Wordt toch vroeg of laat gekofferd. Hoeveel zijn er al den bak niet ingevlo gen door te veel te drinken? Maar we spreken daar over Bacchus. Wie was Bac chus? Iedereen heeft er al over gehoord. Bacchus was een Grieksche God, ock Dionysos genaamd. De eeredienst aan Bacchus werd vooral door de landelijke bevolking onderhouden, 's nachts onder de schijn van de maan en van toortsen in de bergen. Deze eeredienst ging gepaard met woeste dansen, onmatig drinken, en hierbij trachtten de aanbidders buiten zichzelve in extaze te geraken. Bij IHBHBBHBUBBBHIHBiaiaaKSBa Mengelwerk van 12 September '37. Nr 31. door H. COURTHS-MAHLER Maar dat alles weet u wel, mijnheer de baron, ik wilde er u alleen maar even aan herinneren. Dadelijk na den dood van de jonge me vrouw is u op reis gegaan, èn de meubels, «n al 't andere, werden naar een expedi teur gebracht. En u vroeg mij toen, of ik het kleine baronesje bij mij wilde houden, tot u terug was. Nu dat deed ik heel graag, want het kleine barenesje was een engeltje. U hadt bij een bank geld achtergelaten, en daar kou ik elke maand gaan halen, zooveel mij toekwam. Dat was evenwel niet heel veel, want u was toen neg niet zoo rijk als tegenwoor dig. En toen het baronesje later melk, en allerlei versterkend voedsel meest hebben, hadden het kir.d en ik er niet genoeg aan, maar ik kon haar toch geen honger laten lijden. Ik kon u dat evenwel niet schrij ven, want niemand wist waar u gebleven was, In dien tijd werd er weer een pleegmoe der gezocht voor een weesje, waarmee de «rootvader niets wist aan te vangen. Toen heb ik dat andere kindje óók bij mij ge- domen, om er een beetje bij te verdienen. Maar zeer geëerde heer baron, ik heb daar later grooten spijt van gehad, want ik ben daardoor in een zware verzoeking «komen, die mijn leven nu zoo ellendig blaakt. Ik heb zoo'n berouw, en ik kan het iflet langer stilhouden, ik moet nu alles aan u biechten, want de lieve God heeft ®r mij voor gestraft met een zware ziekte, v-.-' f !||j£i r- V$'iH' f-5§l «s>i- .Iv v >s3'V S:V. t ,^j" if- e 1' 'V1 -ï V A'i i; -v -■ t'v^-'v'r fa» -"f V Mleke,^ want het zijn echte ons noemen ze dat «zat». De Romein- sche regeering verbood op den duur deze Bacchanaliën, omdat ze gevaarlijk geacht werden voor den staat. Bacchus was in- tusschen de God van den wijn geworden. Hij wordt afgebeeld met een beker in de eene en een wijnrank in de andere hand. Vele kunstenaars hebben het beeld van Bacchus op hunne wijze vereeuwigd. Zelfs de Vlaamsche schilders Rubens, Van Dijck, Jordaens en andere brachten tafe- reelen uit de levensgeschiedenis van dezen Oosterschen God op het doek. Over eenigen tijd las ik in Rotterdam een opschrift in 'n café: 't Water doet de palen rotten. Die dat drinken, dat zijn zotten! Met die palen bedoelt men, de boomen die in den grond worden geslagen om de huizen op te bouwen. Want Rotterdam is heel moerasachtig. Daartegenover hebben we andere spreek woorden als: Als de wijn is in den man, Is de wijsheid in de kan! Of nog een ander: Wie water drinkt op tijd en stond, Heeft gouden woorden in den mond! MIEKE KWAKKELS had ook gouden woorden in den mond. Ze was pas ge trouwd en diende nog. Hewel, Marie, vroeg heur madam, is het een brave man die ge hebt? Och ja, madame, antwoordde Marie, want luister. Hij gaat ons nieuw meubels koopen, als hij geld zal hebben. En hij zal geld hebben als hij werk gevonden heeft, en hij zal werk hebben, wanneer hij er naar zijn zin gevonden heeft. Ik heb nog nooit een man gezien die zoo braaf is en zoo'n goede inzichten heeft. MET PLEZIER LAAT 'K U IETS WETEN Zoo g'uw sleutel hebt vergeten En ge komt wat laat naar huis, Moet ge maken veel gedruisch Opdat 't vrouwtje U zou hoeren, En dan is het spel verloren Want als ze komt opendoen, Ziet ze 't uur en ze wordt groen Van nijd en roept dan Wacht, 't Is reeds twee uur van den nacht, In 't vervolg de deure sluiten En ge blijft voorgoed dan buiten! Hewel mannen, troost U. Daar is al 'n middel voor gevonden. En voor diegenen die geen sleutel krijgen is 't nog 'beter. Een Weensche werktuigkundige heeft een slot uitgevonden waarvoor geen sleutel noodig is. Ongeveer als de sleten van de groote brandkasten, heeft zijn slot een schijf, zooals bij ons de telefoon. Er zijn vijf nummers op en het eenige wat we moeten doen om binnen te komen is het vereisch- te nummer draaien. MA, riep klein Lientje, de schoenma ker van op den hoek heeft gevraagd wan neer ge de herstelling van uw schoenen zult gaan betalen? Zeg aan den schoenmaker, antwoord de ma, dat hij moet wachten tot ik eerst mijn schoenen betaald heb! Tegenwoordig wat men hoort of ziet» 't Is al gekocht al op crediet. Velen laten veel bewonderen, Maar laat U toch niet bedonderen, Denk gerust en niet gefaald, Gansch dat boeltje is onbetaald. Wie 't contrarie zegt, die liegt, Want gedenk de schijn bedriegt 'n Goeie kameraad van mij, trouwde eenige dagen geleden met 'n lief kindje van minder dan duizend weken. En ze brengt al haar meubels mee en gansch de santerboetik Zoo zei hij tegen mij. Ja, waarlijk hij was met zijn... voeten in de boter geval len. Maar 't werd margarine. Ik ging naar de trouwfeest. Prachtig! Chic! Pijn diner! Kostelijke dranken! De champieter vloeide. H'J is nu getrouwd, 'k Kwam hem giste ren tegen. Hij zag er vermoeid en verma gerd uit. Ziek geweest? vroeg ik. Ziek in mijn hoofd, ja! 'k Word nog zot! Maar wat is er dan gebeurd, toch geen ongeluk! Een ongeluk, veel erger, een malheur. Stel U voor dat ik op 't einde van de maand langs alle kanten mocht betalen. Hier honderd frank voor de eetzaal, daar honderd voor de keuken. Daar nogeens voor de slaapkamer. Maar 't ergste kwam vandaag. De kosten van de bruiloft mag ik nu ook betalen. Dat was ook op crediet. Nu zucht hij: En was ik maar nooit ge trouwd! Menschen, gedenkt dat er ergens ge schreven staat Wie trcuwt doet goed, Wie niet trouwt doet 'beter. IBBaiBBBBBBBBBBBBBBBBBBBBBBB heb verteld, kan ik geen rust vinden in mijn graf. 't Valt mij evenwel zeer moei lijk, om mijn schuld te bekennen, maar het moet toch gebeuren, en als ik dan dood 'ben, krijgt u in elk geval dezen brief. Zoolang ik neg in leven ben heb ik den moed niet om hem u te zenden. Ik vraag u duizendmaal om vergeving, mijnheer de baron, 't was heel slecht van mij, maar ik was zoo arm, en ik dacht ook dat u al lang dood was, omdat ik nooit lets van u hoorde, en cmdat het geld op die Bank bijna op was. En ook, omdat het barones- je er zulk een groot geluk door zou krij gen, want ik meende niets anders, dan dat zij nu een arme wees was. Maar nu zal ik u dan eindelijk alles zeggen. Het baronesje groeide heel voorspoedig op, cn was een bijzonder moei kindje. Alle menschen keken naar haar. En, God weet 't mijnheer de baron, ik heb haar ver zorgd zoo goed als ik kon, en ik hield ook zoo innig veel van haar, en ook van het andere meisje, Annie Martens, dat was maar een paar dagen ouder dan het ba ronesje. En ze had ook blauwe oogen en blond haar, maar 't haar van 't baronesje werd later iets donkerder, zoodat het pre cies op goud geleek. Nu stierf ook de grootvader van de klei ne Annie, en hij liet haai- niets na, en dus kreeg ik ook geen geld meer voor de kleine Annie, en dat was heel erg voor mij. Ik had dat kind nu wel naar het weeshuis kunnen brengen, en ik dacht, dat ik dit het baronesje ook zou moeten doen, en ik was er zeer bedroefd over, want ik had zoo'n innig medelijden met die kinderen. Op zekeren dag ging ik met de beide meis jes naar 't plantsoen, waar ze altijd in het zand speelden. En ik was zóó in mijn treu rige gedachten verdiept, dat ik een, oogen- blik geen acht sloeg op de kinderen. Op eens hoor ik een luid geschreeuw, en een groot rumoer, en toen ik opkeek stierf tic bijna van schrik, want één van mijn bal- da méisjca wai tot vlak vóór een wagen Dat staat er zoo wel niet, maar 't komt toch op 't zelfde neer. Alles is maar 'n manier van opvatten. DE JONGE ADVOKAAT nam het ook goed op. Hij pleitte voor de eerste maal, voor iemand die beticht was 'n gouden uurwerk gestolen te hebben. Maar heeren, sprak hij vol vuur, denkt eens na. Hoe zou die man dat uur werk kunnen gestolen hebben. Hij is hee- lemaal afgetast geworden. Het is niet ge vonden, noch in zijn zakken, noch in zijn kousen of schoenen. Waar was het dan? CXnder mijn hoed! riep de beschuldig de die met passie het pleiten aanhoord had en fier was slimmer te wezen dan de ad- vokaat. 'N SLIMME is de museumwachter van oudheidkunde. Hoe oud ls dit geraamte? vroeg ik hem. Twee duizend en zeven jaar en vier maand, mijnheer. Hoe weet ge dat zco Juist? Wel, ik ben hier nu zeven jaar en vier maand, en toen ik hier kwam, was het al twee duizend Jaar oud! DROOMEN ZIJN BEDROG, Dat herhaalt men dikwijls nog. Doch ik zeg: het is niet waar, Hier een voorbeeld 't is heel klaar. Wat Thimy zag toen hij sliep, En 's morgens in 't geheugen riep, Dat gebeurde nog dien dag, Toen hij de dood voor oogen zag. Thimy is een vliegenier uit Engeland. Toen hij opstond zei hij tegen 'n kame raad: 'k Droomde vannacht dat ik met mijn vliegtuig naar beneden tuimelde en in 'n boom bleef hangen, zoodat ik onge deerd naar beneden kon klauteren Thimy vertrok met zijn vliegtuig, maar kwam eenige uren later terug op het vliegveld... per auto. Over 'n groot bosch vliegende, weigerde de schroef eensklaps alle beweging. Van .geringe hoogte zweefde hij naar beneden en bleef haperen in de kruin van 'n reusachtigen eik. Thimy kwam naar beneden en was ongedeerd. Waaraan men zien kan dat droomen niet altijd bedriegen. 'T WAS GEEN DROOM voor piloot luitenant Preston. De een-en-zeventig ja rige Hertogin van Bedfort die in Maart Jl. een solo-,vlucht ondernam, waarvan zij niet meer terugkeerde, heeft een fortuin van ruim 355.000 pond nagelaten. In haar testament laat zij haar vliegtuigen en een bedrag van 3000 pond aan haar piloot Preston. En voor wie het ook geen droom is, dat zijn twee Engelschen die haar ne gen jaar geleden bij een noodlanding in Perzië, gastvrijheid, verleenden, en die nu ieder een legaat van 2000 pond ontvan gen. Ondank is 's werelds loon, Zoo wordt er veel beweerd, Maar zooals g'hier kunt zien, Is het toch wel verkeerd. Erkentelijk zijn, schenkt eigen vreugd, Het is een wonderschoone deugd. DAT ZAL AAN UW MAN deugd doen mevrouw, zei de dokter. Hij moet volmaakte rust hebben. Ziehier een kal meerend poedertje. En wanneer moet hij dat innemen? Och! Maar dat is niet voor hem! 't Zijt gij zelf die het moet innemen, me vrouw! Ze heeft het poedertje daargelaten. GRÈVE EN STAKING dat zijn woorden, Waaraan men stilaan zoo gewent. Men roept ze op veel akkoorden. Maar 't is U nog onbekend. Dat men nu tracht te geraken, Aan een recordman in het staken. 't Gebeurt in Amerika. Een jong ge trouwd vrouwtje, de zeventien-jarige Jo sephine Mc. Coy, valt de onderscheiding te beurt, het eerste bruidje te zijn dat door middel van staking, tracht de onmin die in haar huisgezin heerscht op te lossen. Na een woordentwist was haar liefhebbende echt genoot het afgestapt, naar zijn ouders te rug. Doch Fientje pakte pak en zak en volgde hem. Voor zijn ouders huis aange komen, zag ze zijn auto voor de deur staan en ze kroop er in. Ze is vastbesloten er niet eerder uit te komen, dan wanneer haar man terug naar de echtelijke woning wil gaan. De politie wil zich met het geval niet moeien. Zij vindt dat ze het maar met mekaar moeten uitvechten. Welwillende buren brengen haar eten en drinken. Ze heeft het er zich heel gezellig .gemaakt en houdt met de voorbijgangers een praatje, zeggende dat haar geduld nog lang niet op is. Gansch de stad wacht nu met span ning het slot van deze eigenaardige sta kingshistorie. 'K WAS OVER T LAATST eens in een afspanning op den buiten en 'k moest er den nacht doorbrengen. Wek me morgenvroeg om vier uur, zei ik aan de meid. Eenige minuten later komt ze binnen «■bbbbbbbbbbbmbbbbbbbabbbbb geloopen en ze zou overreden zijn, als een mooie dame haar niet had weggetrokken. Toen sprong er ook een hesr naderbij, dat was de man van de dame, en ze zouden bijna alle drie onder den wagen zijn geko men maar gelukkig liep hst goed af. Ik was bijna verlamd van schrik, en toen ik op 't kind afvloog had de mooie, deftige dame haar op den arm, en kuste en aaide haar, en lachte en schreide' tegelijk. Maar ik was heelemaal in de war. Toen vroeg die dame mijIs dat uw kind? Neen, ze ik; 't is een arm weesje. En ik zag nog in het geheel niet, wie van mijn beide meisjes het was. En ik weet ook niet meer, wat ik nog meer heb gezegd; en gedaan, want 't draaide mij alles voor de oogen. Ik west alleen nog, dat de vreemde dame er op aandrong, dat ik 't kindje aan hièir zou geven, ze vond het zoo mooi en lief, en ze zou het als haar eigen kind aanne men, en als een prinsesje opvoeden, en ik zoü er ook geld voor krijgen, veel geld. Ze smeekte haar man, dat hij het goed zou vinden, en de deftige mijnheer zei van ja: en hij zei tegen mij dat hij senator Sundheim, uit Hamburg was, en hij wilde der volgenden dag met zijn vrouw bij mij komen, om over alles te praten. En tosn gaf de dame mij het kindje weer op den arm, kuste het nog eens weer, en ze zag er heel gelukkig uit. En toen zag ik pas dat het ons baronesje was. De klei ne Annie zat nog heel rustig in 't zand te spelen en ik had gemeend, dat het Annie was geweest. Daar stond ik nu met het kind op den arm, en begreep niet recht wat er met mij gebeurd was. Ik zou vijf duizend mark van senator Sundheim krijgen als ik hem het baronesje wilde laten; en ik had hem al gezegd, dat zij een weesje was. Ooh, reer vereerde mijnheer de baron, ik heb dien nacht geen seconde geslapen. Ik moest altijd aan dat vele, vele geld denken en ook,'dat het baronesjé dan zou opgevoed wonden als een kind van rijke «h met 'n ouderwetschen wekker en zegt: Hier zie, meneer, 'n wekker. Hij staat gezet om op vier uur af te loops n, maar als hij niet afloopt, moet ge hem maar 'n beetje schudden. GE HEBT ALLEN al gelezen over de talrijke boschbranden die tegenwoordig Frankrijk teisteren. Verleden Zondag nog een felle, die over een uitgestrektheid van zestig kilometer woedde. De troepen kwa men bij het blusschingswerk te pas. Een jongen van vijftien jaar werd aangehou den daar hij van iemand tien frank kreeg, en daarvoor het vuur aan 't woud zette. Een andere die Nero wilde naapen, stak een bosch in brand 's avonds, omdat hij dat schouwspel van verre, in de donkerte zoo prachtig vond. In Engeland brandde een school af. Men dacht dat een leerling 't gedaan had om langer vacantie te hebben, maar 't is nu bewezen dat de eenige plichtige de zon is. Een nieuwe ruit was ingezet en ze was een beetje bolvormig. Zoo deed ze dienst als brandglas en heel de school brandde uit. MIJNHEER DE DIRECTEUR van den dierentuin was ook in vacantie gegaan en voor zijn vertrek zei hij tot zijn oppasser: Schi-ijf me eens hoe het hier gaat met de beesten. Eenige dagen later kreeg hij 'n brief. Mijnheer! Alles gaat hier goed. Al leen de chimpanzee lijkt zoo treurig en eenzaam. Wat mceten we er mee doen, tot wanneer ge terugkomt? En nu allen beste vrinden Kan 'k geen verder nieuws meer vinden, 'k Wensch U allen deze weke, Alle dagen aan een reke, Veel plezier en vroolijkhcid Zonder ruzie of lawijd. Zonder dieftc, moord of brar.d Maar met rust in 't gansche land. Vrede weze onder allen Laat ons dus geen uur vergallen. En nu zeg ik tot 'besluit Hei! Tot Zondag en 't is uit. Hopende dat 't U heeft aangestaan, Groet U 't Manneken uit de Maan, BLANCKAERT-VERLEENE (Meesterkleermaker) Caathuisitraet, 41, Poperinge, Eerste keus Kostumen, Overjassen, Fantazijbroeken. Speciale zwarte stoffen voor ceremonie. Eenige verkooper der «BELGICA»-Regen- mantels. Lederartikelen en spe cialiteit van Lodens, gewaarborgde herkomst van Alsace en Tyrol. UNIFORMEN. Oplossing vorig Raadsel: VIN - DEN - VINDEN. Nieuw Raadsel: Mijn één verkoopt de winkelier, Mijn twee komt voort van 't licht; En drie dat worden allen hier, -> De ouden zijn er reeds heel dicht, 't Geheel dat hoor ik zeggen, Als men 't niet zeker uit kan leggen'. iflbhbbbflflebflflflbbhbflflbflbflbflh en gij hebt den gezondsten en goed koopsten maaltijd voor wie zwaar werk ver richten- COMMERCIAALE APPELGELEI- IN ALLE KRUIDENIERSWINKELS voorname menschen, zooals haar immers toekwam, en niet naar het weeshuis zou moeten. Maar dan bedacht ik ook weer wat er wel zou gebeuren, als mijnheer de baron soms onverwacht weer mocht komen, en zijn kind van mij terug wilde hebben. En dan kwam dé verzoeking weer. Het andere kind was een wees. waarnaar nooit iemand zou vragen. Niemand zou er iets van merken, als ik de beide kindert jes ver wisselde. Zij kenden zelf haar nog niet; ik noemde haar Annie en Nannie, en daar luisterden zij naai'. Annie en Nannie klonk bijna 't zelfde, zoodat niemand anders 't precies kan onderscheiden. En de verzoeker zei tegen mij dat ik er een goed werk aan zou doen, als ik den senator het baronesje overgaf, onder den naam van Annie Martens, en de kleine Annie den, naam van ons baronesje kreeg. Als ik dat geld kreeg, wilde ik de kleine Annie bij mij houden, en niet in een wees huis doen. Als dan werkelijk mijnheer de baron nog eens terug mocht komen, dan kon ik hem dat andere kind als zijn doch tertje geven. Hij zou dat toch niet merken, want toen hij wegging was het baronesje een zuigeling, net als alle andere kleine kindertjes. Zoo lag ik den geheelen nacht wakker en dacht erover, en kon toch nog niet besluiten. Naast mij hoorde ik de bel de kleintjes zoo rustig ademen. God is mijn getuige, mijnheer de baron, dat ik het goed met de kindertjes meende, al is het óók waar, dat het geld mij verleidde. Nu. om kort te gaan, ik heb den volgen dón dag het echte baronesje naar den se nator en zijn vrouw gebracht, maar met de papieren van de kleine Annie Martens; en ik behield de kleine Annie bij mij, met ■de papieren van het baronesje. Toen werden mij de vijf duizend mark uitbetaald en alles ging vlug van de hand, want ik leefde heel stil en onopgemerkt met de beide kindertjes. De voogd van de kleine Annie vond het best. Hij kende het Bij koninklijk besluit van 10 Aug. 1919 werden de vroegere afzonderlijke vee kweeksyndikaten in «Provinciale Verhon den» vereenigd. De Provinciale_ Verbon den werden bij koninklijk besluit van 18 Aug. 1923 samengebracht in Nationaal Verbond der Veekweeksyndikaten». Het doel van 't Provinciaal Verbond der Veekweeksyndikaten is het produktie- vermogen van het rundvee te vermeerde ren. Daartoe worden de goede dieren (uit wendig geoordeeld) in 't stamboek inge schreven. Die dieren worden aan de of- ficieele nielkkontrool onderworpen, die hun innerlijke waarde vaststelt. De af stammelingen dezer dieren worden bij de kalving getatoueerd en opgenomen. Van een bepaald ingeschreven kalf kan men niet alleen de waarde van het uiter lijke eener moeder, grootmoeder, enz. ken nen, maar tevens ook hun innerlijke waar de aan melk- en botergifte. Rendeerende dieren kosten aan onder houd niet meer dan minderwaardige 1. OPNAME IN 'T STAMBOEK Om opgenomen te worden in 't stam boek moet het voorgesteld dier: a) Ten minste één jaar oud zijn; b) Tot 'het rood ras van West-Vlaan- deren behooren; c) Uitwendig goed gebouwd en ontwik keld zijn. Het Veekweeksyndikaat streeft een tweevoudig doel navleesch- en melk productie. De opname der vrouwelijk dieren ge schiedt door één provinciale rondreizende jury. Gezien de dieren, opgenomen voor 't stamboek, uitwendig niet in dezelfde mate aan de vereischten voldoen, worden ze in drie reeksen geklasseerd: A, B en C. Reeks A: dieren v. 70 tot 75% der punten. B: 75 tot 80% C80 en meer De opname der mannelijke dieren ge schiedt tijdens de stierenkeuringen. Alle kweekers, die het met hun veestapel goed meenen, hebben er alle belang bij hunne dieren te laten inschrijven en aan de melkkontrool te laten onderwerpen. 2. - OPNAME IN 'T GEBOORTEBOEK Alle roode kalvers, geboren uit stam- boekdieren, worden binnen 'de acht dagen, volgend op de kalving, getatoueerd en in 't geboorteboek ingeschreven. Door 't ta- toueeren wordt een volgnurihner in 't linker oor geprent, waardoor het dier ten allen tijd kan vereenzelvigd worden. Wie zijn dieren Iaat opnemen in 't stam boek, en deze niet aan de officiële melk kontrool onderwerpt, verricht half werk. 3. - DE MELKKONTROOL De melkkontrool wordt gedaan door officieele melkkontroleurs, die onder be stendig toezicht staan van den provincia len opziener en van den heer Staatsvee- teeltconsulent. Nu en dan wordt bij de kweekers tegenkontrool gedaan. Om de vier weken, wordt op één dag de melkgifte van 't bepaalde dier gewo gen, en van die melk een staal genomen. Dit geschiedt gedurende tien naeenvol- gende maanden. De stalen van gansch de provincie worden op één plaats door den H. Opziener ontleed. Wanneer men nu weet, hoeveel melk een bepaald dier voortbrengt en hoeveel botervet die melk bevat, dan rekent men heel gemakkelijk de botervetopbrengst uit. Het is praktisch onmogelijk het rende ment van een dier te bepalen zonder regelmatige melkkontrool 1Het is meer dan bewezen dat veel melk geen flauwe melk beteekent, en omgekeerd. Om de melkgifte van een vaars of jonge koe te vergelijken met deze van een vol wassen koe, gebruikt men coëfficiënten. De maximum gifte wordt gewoonlijk be reikt na den ouderdom van vijf jaar. De melkgilfte van een koe X om 't (vaars) kalvend op den max. te ouderdom van bekomen werkel. gifte 2 j. ber. ongev. 65 v. 't max. x 1,54 2l/i j. 73 x 1,40 3 j, 80% xl,25 3'A j. 85 x 1,18 4 j. 90% xl.ll j. 93 x 1,07 N. B. De ouderdom der koe moet als basis dienen der verbeteringen. Alle mogelijke gegevens van het ge- kontroleerd dier, zooalsgeboorte, ta- toueernummer, kalving vóór - en na de kontrool, melkgifte en vetgehalte op be paalde dagen, de berekende totale uitslag, melkgifte en botervet over gansch de kontroolperiode, worden ingeboekt, waar van een afschrift in vorm van melkkaart aan den kweeker gegeven wordt. Vooruitziende kweekers gaan met hun koeien naar stieren, wier moeder een goede melkkaaart bezit. Boeren, gij zorgt voor beste oogsten door oordeelkundige bemesting, door gepaste vruchtafwisseling, door veredeld plantgoed te gebruiken! Waarom zoudt gij minder oordeelkundig te werk gaan bij de vee uitbating Wie lid wil worden van 't Veekweek syndikaat, door zijn dieren te laten op nemen voor 't stamboek, geve zijn naam op aan de schrijver van 't syndikaat, Zwarte Nonnenstraat, 14, Veurne. HEBT GE OOIT EEN GOED WOORDJE GEDAAN OM EEN EN ANDER KENNIS AAN TE ZETTEN TOT HET ABONNEE- REN OP DIT BLAD. DANK EROM. huize te LANGEMARK, verbeteringswei-- ken op verschillende steenwegen (beton en oud kasseiwerk). Bestek 1.190.546,71 fr. Stukken ter inzage of te koop, prijs 25 fr., bij den arr.-ing. te leper. 24 SEPT. Te 11 uur, voor den heer Claeys, hoofding.-best. van Bruggen en Wegen, Vrijdagmarkt, 12, Brugge, ver sterken van den linkeroever der vaart Ieper-IJzer, tusschen de sluis van Boe- zinge-Sas en de spoorbrug van BOEZIN- GE. Bestek z. nr (Ned.)plan, prijs 10 fr. IBBBBEflBBBBBBBBaBBMBBBaBflfllB 16 SEPT. Te 3 uui-, ten gemeente huize te GELUVELD, algemeene uitbrei ding van het electrisch laagspanningsnet (7530 m.). Stukken ter inzage of te koop, prijs 50 fr., ter S. V. West-Vlaamsche Elcctricibeitsmaatschappij, Wilgendijkstr., 14, Diksmuide. 17 SEPT. Te 5 uur 's avonds, ten gemeentehuize te VLAMEERTINGE, ver- beteringswerken aan den steenweg naar Renir.gelst (beton en oud kasseiwerk). Be stek 717.504,36 fr. Stukken ter inzage ten gemeentesecretariaat en te koop, prijs 25 fr., bij den arr.-ing. te Iepar. 22 SEPT. Te 4 uur, ten gemeente huize te LEKE, gezondheidswerken en aan leggen van voetpaden in de dorpplaats. Bestek 108.260 fr. Stukken ter inzage ten gemeentesecretariaat en te koop mits storting van 15 fr. voor het lastkohier en 20 fr. voor het plan op postchekrekenlg Nr 2935.13 van den h. Sansen te Veurne. 23 SEPT. Te 2.30 uur, ten gemeente- huize te DRANOUTER, verbeteringswer- ken aan landbouwwegen Nrs 13, 19, 20, 21 en 22. Bestek 218.378 fr. Stukken ter in zage of te koop, prijs 15 fr., bij den arr.- ing. te leper. 24 SEPT. Te 11.30 uur, ten gemeente huize te POELKAPELLEverbeterings- werken op den steenweg naar Langemark (beton en oud kasseiwerk). Bestek fr, 292.445,97. Stukken ter inzage of te koop, prijs 25 fr. bij den arr.-ing. te Veurne. 24 SEPT. Te 10 uur, ten gemeente- ibbbbbbbbbbibbbmbbbbbbbmbbb kind bijna niet, en merkte niets van het bedrog. En dus was alles in orde. Maar toen u kort daarna terug kwam sloeg mij de schrik om 't hart. Eerst wilde ik u al les bekennen, maar toen kreeg ik zoo'n angst, dat ik dan in de gevangenis zou komen. En u hebt er ook niets van gemerkt, mijnheer de baron. En toen ik hoorde dat u zoo rijk was geworden en een mooi kas teel hadt geërfd, dacht ik: Nu zullen mijn beide kindertjes een goed leventje hebben. Maar toen u mij met uw kind wilde mee nemen naar Eckartsberge, om er nog ver der voor te zorgen, weigerde ik dat, want ik schrikte er voor terug, dat ik 't zou moeten aanzien, dat ii het verruilde kind voor uw eigen kleine meisje hield, mijn heer de baron. En u hebt mij toen ook nog vijf duizend mark gegeven, omdat ik het kind zoo goed had opgepast. Nu had ik heel veel geld, maar ik ben toch nooit zoo recht vroolijk geweest. Mlj-n schuld en mijn zonde wa ren mij altijd in de gedachte. En dus heb ik alles opgeschreven, en ik zweer dat het de waarheid is. Als ik voel dat mijn laat ste uur is gekomen, zal ik ook wel den moed hebben om voor het gerecht alles te bekennen. En nu kunt u doen zooals recht is, mijnheel- de baron. Het echte baronesje is door senator Sundheim, in Hamburg' als kind aangenomen, en Annie Martens woont nu bij u. als uw dochter. Ik smeek u om vergiffenis, mijnheer de baron, en ook de beide kindertjes, die nu zeker voorname dames zijn geworden, en het geld dat ik zoo oneerlijk heb gekregen zal voor arme weeskinderen worden ge bruikt. God is mijn getuige dat ik niets slechts heb willen doen, maar het is toch zeker wel slecht geweest, en daar word ik nu hard genoeg voor gestraft. En dat ls nu alles wat ik u te zeggen heb, mijnheer de baron. En ten slotte wil lk u nog amceken, om het kind toch niet te laten ontgelden, wat ik heb gedaan. Geen geluk is volledig zonder een goede gezondheid, welke door geene enkele pijn wordt verstoord. Maar welke vrouw lijdt niet soms aan migraine of zenuwpijnen Gelukkig bestaat er echter een best geneesmiddel, de Aspirine tabletten, om de pijnen der vrouw te doen ver zachten en verdrijven, wanneer deze haar geluk komen versto ren. Een tube Aspirine mag dan ook in geen enkel huisgezin ont breken. Vandaag of morgen kunt U ze noodig hebben. Vrijdag 20 dezer is deze verlichting pa| klaar gekomen op een minimum van uit voeringstijd. Rond 5 uur greep deze in tieme inwijding plaats. Na een inleiding van den Heer Platteau werd de verlichting in werking gesteld. Groote vakken met betonnen naamplaten worden ineens zichtbaar, alsof het dag licht in dunne stralen door de zoldering dringt en de platen met de cementen let ters bestraalt. Ing. Decraemer van Mega legden uit dat deze verlichting verkregen wordt door middel van glimbuizen weike achter een scherm tegen de zoldering zijn aange bracht. Daarna werden de grafkelders zelf be zichtigd. Hier steeg de verbazing ten top. De wanden en zolderingen der kamers zijn volledig donkeralleen de graven hebben een grijsachtige glimming. Boven elk zerk is een plaat aange bracht waarop in grijze letters de namen met liet symbool der gesneuvelden voor komen. We lezen: RENAAT DE RUDDER Ideaal. JOE ENGLISH Dienende Kunst. GEBROEDERS VAN RAEMDONCK Broederliefde. FRANS VAN DER LINDEN LODE DE BONINGE Volks verbondenheid. FIRMIN DEPREZ. FRANS KUSTERS. BERT WILLEMS. JUUL DE WINDE. Iedereen vroeg zich af hoe dit merk waardig resultaat van licht midden in een donkere kamer verkregen wordt. Naar we vernemen geldt liet liier toe stellen welke onzichtbare ultra-violctte- stralen voortbrengen. Deze worden opge vangen door graven en letters welke op een speciale wijze bewerkt werden. De indruk welke van deze Krypte uit gaat is overweldigend. Deze verlichting zet op waardige wijza de bezielende gedachtenreeks van' den IJzertoren voort. Degenen welke den to ren bezoeken zullen ongetwijfeld diep aanvoelen hoe de mystieke atmosfeer vatl deze doodenkamer aanzienlijk gegroeid is. Deze verlichting brengt geslaagd een dis crete pieteitsvoile hulde aan onze dierbar# dooden. IBBBBBBBBBBBBBBBBBIIBBBEBilfla HET BESTE HUIS VOOR bij Sansen-Vanneste, Gasthuisstr., Pop. alle das- en Gleiswerk, Lepels ea Vorkefi,, Messen en verder tafelge- 'rlef Vóór uwe maaltijden bij alle omstandigheden en dit aan voor» (deeligc voorwaarden. 18, Gasthuisstraat, POPERENG8 'Bezoekt onze Meubeltentoonstelling alvorens te koopen. Zij kan het immers niet helpen. Dit is de zuivere waarheid, zoo waarlijk helpe mij God, en hiermee teelten ik mij met hoogachting, Karoliner Hartmann. De baron ademde diep en bijna steu nend, hij greep met een onderdrukten kreet naar 't portret van Annie Sundheim, en viel erover heen, op zijn schrijftafel. Een geruimen tijd bleef hij zoo, als le venloos liggen. Eindelijk richtte hij zich half op, en keek met een onbeschrijfelijke blik naar de foto. Ja ja duizendmaal ja jij bent mijn kind jij bent 't dat heb ik ge voeld van 't. eerste oogenblik af dat ik je zag. De stem der natuur liet zich immers zoo sterk in mij hooren. Dat is dus de oplossing van het wonder! Ja jij je bent mijn innig geliefd kind! het even beeld van mijne Maria! Zijn gezicht was met tranen over stroomd, en hij was geheel ontdaan door 't geen hij had vernomen. De ontroering die zich van hem had meester gemaakt was zóó sterk, dat hij geen kracht had om op te staan. Lang zat hij zóó met 't portret van An nie tegen zijn hart gedrukt. Zijn gedach ten gingen naai- 't verleden terug. Hoe had hij zijn best gedaan, cm het vreemde kind, dat men hem als zijn dochtertje had gegeven, lief te hebben, wat hadden ze steeds koel naast elkaar voortgeleefd! Maar wat was,er een geheel ander gevoel een warme stroom door zijn ziel ge gaan, toen Annie Sundheim vóór hem stond en ham met haar vriendelijken, ver trouwelijker. glimlach aanzag. In Annie's tegenwoordigheid gevoelde hij zich weer gelukkig, na een reeks van sombere Ja ren. En hij had het als een wonder be schouwd. dat zij zoo sprekend op zijne Maria geleek dat zij hem aanzag met Maria's oogen; dat ze sprak met Ma ria's stein. Onuitsprekelijk ontroerd, maar toch zoo innig gelukkig, zag hij telkens weer naar het allerliefste meisjesgelaat. Daarna hield hij het kleine medaillon er naast, en zag beide portretten vol liefde aan. Dat is jouw kind. Maria, dat heb jij mij tot troost achtergelaten, maar een af gunstig- lot heeft er mij tot nu toe van be roofd, fluisterde hij. Eindelijk legde hij de portretten neer, na dat hij er zijn lippen nog eens had op gedrukt. Toen greep hij naar de officieele bevestiging van datgene, wat hij zooeven had gelezen. Maar deze was eigenlijk niet noodig geweest, want Annie's verwonder lijke gelijkenis op zijn overleden vrouw was voor hem bewijs genoeg. Nu wist hij, dat hij zijn echte dochter had gevonden, Maar 't was toch goed, dat hij deze offi cieele bevestiging bezat, want daardoor kon hij zijn dochter in haar rechten her stellen. Hij dacht in dat uur nauwelijks aan haar, die tot nu toe voor zijn kind was doorgegaan. Wat er met hètir zou ge beuren, en wat hij voor hèar zou beschik ken, was op dit oogenblik nog van geen belang voor hem. Annie's toekomst ging hem nu boven alles, 't Was vreemd: cok nu nog noemde hij haar AnnieHij had haar onder dezen naam lief gekregen, zoodat 'hem toescheen, dat de naam Marianne niet bij baar behoorde. Toen hij wat tot zichzelf was gekomen belde hij om zijn kamerdienaar. Weidner pak zoo vlug mogelijk mijn koffer voor eenige dagen en maak je klaar óm met me naar Saszneck t# gaan. Ik vertrek met den middagtrein. Best, mijnheer. Weidner verliet de kamer. De baron ging naar 't raam. Met schit terende oogen zag hij naar buiten, en hl) haalde adem alsof een zware last van zijn borst was weggenomen. TKRBODEN NADRUK, Y#CT94«*).

HISTORISCHE KRANTEN

De Poperinghenaar (1904-1944) | 1937 | | pagina 9