r I 7 van om uitsluiting van mannelijke planten verwezenlijken. gezonde mededinging der uitheemsche gehoorde bescherming mag steunen. ten einde te kunnen beschermd zijn, moet uitgelezen en beste hoedanigheid zijn. Hij vraagt aan den heer Desmedt o£ onze hop thans wel verbeterd is in de maat dat eene aanvraag om bescherming kan gewettigd zijn De heer Desmedt verklaart dat door de hopkweekers van Westvlaanderen aanzienlijke uitgaven werden gedaan om hun ne inrichtingen en drogerijen te verbeteren. Op de hoptentoon stelling werd door de brouwers verklaard dat onze hop gedeel telijk reeds goed is. Indien geen bescherming komt zullen de boeren die uitgaven deden ontmoedigd worden en er zal aan geen verbetering meer gedaan worden. Het is thans het geschikte oo- genblik om deze invoerrechten te stellen omdat wij thans door onze handelskontrakten zullen vrij komen. De heer Olivier sluit zich aan bij de meening van Wel. Heer Gouverneur Baels en Mr. Desmedt. Hij ook geeft een breedvoerige uiteenzetting over den toestand der hopteelt en dringt aan op bescherming. De heer Lemahieu spreekt ook ten voordeele der hopboeren. Vroege r waren er tien maal zooveel hoppevelden als thans. In dien er niets gedaan wordt zal, jammer genoeg, deze teelt ver loren gaan. De Weledele Heer Gouverneur Baels stelt de volgende motie op welke door hem ter goedkeuring aan de Landbouwkamer wordt voorgedragen en met. algemeene goedkeuring wordt aan genomen. De Landbouwkamer van Westvlaanderen in Algemeene Ver gadering van 26 Februari 1938, na beraadslaging omtrent de toestand van de hopteelt komt tot volgend besluit In acht nemend de hooge beteekenis van de hopcultuur in de landbouweconomie van Westvlaanderen, alwaar ze een zeer belangrijke specialiteit daarstelt en inzonderheid in de streek van leper en Poperinge ingezien de aanzienlijke inspanning vanwege onze Westvlaam- sche hopboeren om de technische hoedanigheid te vermeerderen, hetgeen de jaarlijksche tentoonstelling werkdadig heeft bewezen ingezien de optilling der hoedanigheid te samen gaat met ver- hooging van kosten en vermindering van opbrengst in hoeveel heid, ingezien de strekking en betere verzorging te in acht nemend de on hop, welke dan nog op een om

HISTORISCHE KRANTEN

De Hopboer (1904-1984) | 1938 | | pagina 7