Kattestoet 1955 steekt volgens nieuwe, historische en folkloristische formule, van wal Onze week-end reportage De Ieperse kattentraditie sterft ntef... ■J ~i - jr^- i =t=~- HET WEKELIJKS NIEUWSZaterdag 19 Febr. 1953 Blz. 16. U ttiu„ TTËTFKS K ATT CL! EP A.TWW"*- ël'SLss De band met het verleden De kat in taal en voiksleven Een lepers erfgoed KAT KONING te leper -*li J..M L. I MHAtfU/lif fl» i.Wt*redo'.vtn «Jetn Ko.fin is *<M>YW4*rtl» X 7« - 'i 'tlt.ee* toont aJ-kn hj'K de *AL i V? -J- 4*. Jan. Haw lui i» «03 «iet jt.fce.ten é,t itoKeli*t*. moor ge.ltnt Zult £ook <y> poot-jts mJ-Ic* Ah _Q« »«or J/rti K,e|t.ejj ^IVonKftwiikimwnftl» ktke «n (jeu -ur\ imittrt ftMtittaoV.to.tj JchooitYi vmtitn |>Yant«%«- ftAj ftssd ton k#.fc<itfc ~X- jslïjft-ttn K4t. men hijur 01 "t ho^» hal -1*1 jo4.U Tdïtv**ileTpsVjtZ5 Ö03 5al ze cf kd&f poten vetter» w*At un U& blijft SUatii tcrtr Het nieuioe Ieperse Kattelied op tekst van Jef Lesage en met muziek van A. Preud'homme. Hoe vast de traditie der Katte- feesten ook geankerd is in de ge schiedenis van leper, toch is het voor de historicus onbegonnen werk hun oorsprong met zeker heid vast te stellen. In het begin der 15* eeuw duikt dit feest plots op zonder dat men er een vaste historische grond voor vindt. Moe ten wij er het overblijfsel van een heidens feest in zien, waarbij kat ten geofferd werden aan de godin der vruchtbaarheid? Of moeten wij de oplossing zoeken in de be naming Cattizoals de Ger maanse volksstam genoemd werd die na de val van het Romeinse Rijk in de Belgica Inferiorde baas speelde? En nu wij toch in de phonetïsche wereld een oplos sing zoeken, zou er misschien een verband bestaan met de Middel eeuwse «Coude Ypermaerct» met dien verstande dat «Coude» zich later ontwikkelde tot «Catte»? Het zijn allemaal oplossingen die ernstig pogen een opheldering te geven maar die geen van alle doorslaggevend zijn of een ver trekpunt kunnen vormen voor een vernieuwde kattestoet. Het is een historisch feit dat deze feestelijk heid hoort bij het lepers patrimo nium, zelfs al zijn er onderbrekin gen geweest te wijten aan ver schillende omstandigheden. Hetgeen de geschiedenis over deze feesten leert, met het katten- vonnis en het kattenwerpen, werd niet over boord gesmeten, doch ook in deze nieuwe uitgave der kattefeesten in ere gehouden. Al leen heeft men de—zaken volledi ger en grootser aangepakt. De ge schiedenis van de Egyptenaren tot in de Middeleeuwen en dit over Kelten en Germanen heen, levert ontzaglijk veel materiaal over de kattenverering. In letterkunde, taal en volksleven is dit trouwe huisdier een steeds opnieuw be handeld en altijd terugkerend mo tief. Al deze elementen werden tot één geheel verwerkt in een feest stoet, die enig in zijn soort belooft te zijn. Zoals het bij een hi«'oi ische sto-it ipast is er een inle-ding voor zien met landsknechttrommelaars en Middeleeuwse ridders die de Voogd van leper begeleiden, ter wijl Ypriana dit inleidend gedeel te muzikaal zal omlijsten. DE KATTENVERERING IN EGYPTE Vanaf de eerste groep met wa gen komen wij reeds ten volle op het historisch terrein dat ons te rugbrengt naar het geheimzinnige Egypte met zijn godenverering. De kat was in het oude Egypte een heilig dier, evengoed als ande re dieren. Maar aan deze verering zat een practische kant vast want als verdelgster van muizen en sprinkhanen was de kat vanzelf sprekend de beschermster van de oogst en meteen werd zij het sym bool der vruchtbaarheid. Vandaar dat de kat toegewijd werd aan de godin der vruchtbaarheid, Bastet, die men in de oude Egyptische kunstwerken met een kattenhoofd ziet voorgesteld. Bastet had te Bubastis haar hei ligdom, 'n kattenheiligdom, waar heen jaarlijks druk gepelgrimeerd werd. Per boot trok men er naar toe. In een Egyptische groep, inge leid door slaven, krijgers, musici en dansende meisjes uit het land der Pharao's wordt dit historisch gegeven uitgewerkt. Op een 10 meter lange boot, die daarbij 3,5 m. breed en 5 m. hoog is, zien wij op de voorplecht een Egyptische krij ger met vlak daarachter op een verhoog een stijlvolle bronzen kat. Midden op de boot onder een troonhemel, zetelt de godin Bastet, omringd door offerpriesters. Frans Van Immerseel heeft geen moeite ontzien om hier een histo risch getrouwe uitbeelding te ge ven. Met het doel zich zorgvuldig te documenteren bracht hij ver scheidene dagen door in de Egyp- tologische afdeling van het kunst historisch museum te Brussel, Zo kon hij een trouwe reconstructie geven van een boot die de jaarlijk se processie op de Nijl naar Bu bastis voerde. Bij een folkloristische stoet hoort muziek, maar dan dusdanig dat zij aan het geheel niet schaadt doch daarentegen het onderwerp nog beter tot zijn recht laat ko men. Voor de Egyptische groep kon niets beter passen dan de «Danse sacréevan Debussy. Zo wordt deze groep een genietbaar geheel voor oog en oor. BIJ DE KELTEN Alhoewel de Egyptische kat als een heilig dier beschouwd werd en zij zich nuttig maakte als verdelg- Het Jaarlijks Kattefeest, op de tweede Zondag van de Vasten, is een traditie gewor den die met het wezen zelf van leper vergroeid is. Om deze waarheid bij het publiek nog wat vaster in te hameren worden de weggebruikers, op de wegen die naar de Hallestede lei den, sedert enkele weken door dreigende kattekoppen aangegrijnsd, die in helle kleuren op publiciteitsborden geschilderd werden. Kort en bondig staat er als een slogan onder; Katte stoet leper 6 Maart 1955. Korter kan het niet. De suggestieve tekening van Frans Van Immerseel heeft men gelukkig niet in weer kaatsende verf uitgevoerd, 't ware genoeg om 's avonds een automobilist de schrik op het lijf te jagen. Een reclame echter is wel goed om iets aan te kondigen maar wordt toch ook altijd door het publiek met een kritisch oog bekeken. Zo. zijn wij dan, bezield met iets als een beleefde argwaannaar leper getrokken om er ons licht te gaan opsteken over de na kende grote gebeurtenis: de Kattestoet 1955. Wij wilden weten of het lepers Kattefeest 1955 werkelijk «de» grote gebeurtenis op folkloristisch gebied voor dit jaar zou zijn zoals de grootscheepse propaganda het ons deed geloven. Waar wij voor deze reportage zijn binnen gevallen vertellen wij U maar dadelijk; bij dhr Daniël Merlevede, die het voorontwerp vart de nieuwe stofjt maakte en instaat voor de propaganda van deze grote gebeurtenis die voor leper historisch te worden. Wij troffen het goed want niemand minder dan de sympathieke Jef Lesage, die in het werk plan van de Kattestoet de rubriek «teksten» onder zijn bevoegdheid kreeg, was van de partij. Wij waren dus goed gevlogen om onze inlichtingen uit eerste bron te ontvangen. Wi] vertellen U liever niet over de ontzagwekkende stapels boeken en dooumentatie die wij in de werkkamer van dhr Merlevede aantroffen. Allemaal over kattenverduide lijkt hij met een ronddwalend handgebaar, leper heeft Immers in de persoon van dhr Octaaf Mus een archivaris en bibliothecaris die op gebied van geschiedenis en folklore grote erva ring bezit. Wanneer wij dan een lijvige documentatie in handen gestopt kregen, waarin de ge leerde boekentaal tot verteerbare persberichten verwerkt was, kregen wij de zekerheid dat men te leper de kattengeschiedenis degelijk heeft aangepakt en ingestudeerd. Toei ons even eens het werkplan van de Kattestoet 1955 feitelijk het programma van de stoet overhan digd werd en dit werkplan mochten aanvullen met een zo duidelijke als pittige uitleg vanwe ge dhr Daniël Merlevede, dan werd het ons duidelijk hoo de Ieperse Kattestoet, zoals men hem op 6 Maart e.k. in zijn jongste uitgave zal zien, een verwezenlijking is die de historische en flokloristische gegevens volledig recht laat wedervaren. En ten slotte mochten wij eventjes achter de schermen kijken en mochten wij een be zoek brengen aan de Ieperse Lakenhalle, waar, onder leiding van de kunstenaar Adhémar Vandroemme, met man en macht gewerkt wordt aan de voorbereiding van de stoet. Katten- maskers, vleermuizen en heksenattributen, duivel en heks inbegrepen, worden er uit IJzer draad en papierpap te voorschijn getoverd. Wij zagen een architect aan het verkleind model van een kattenburcht werken en enkele minuten later stonden wij in een werkplaats waar de lassers het ijzeren geraamte opbouwden van een Egyptische boot, een pronkstuk uit de Katte stoet. leper is één en al bedrijvigheid ter voorbereiding van 6 Maart 19551 werd kon rekenen op een etraf die niet «van de poes» was. «Wilde» katten mocht men echter naar hartelust doden en hun huiden voor de kleding gebruiken. Maar ook de Keltische legenden hebben zich van de kat meester gemaakt. In een krocht te Con- nacht, zo verhaalt een dezer legen den, was een slanke zwarte kat gezeten op een zilveren troon. Het was een orakelkat die met een grafstem van die akelige antwoor den gaf. 't Is vanzelfsprekend dat de In richters van de Ieperse Kattestoet van dit motief dankbaar gebruik maakten voor een zo schilderach tige als statige groep. Echte Kel- Het ontwerp van de eigenaardige een rijdende troon voor Freya is. ven op het plateau dat ster van allerhande ongedierte, heeft het toch eeuwen geduurd al vorens zij burgerrechten kreeg als huisdier. Kattenmummies, die bij honderdduizenden uit opgravingen zijn teruggevonden want als hei lig dier werd de Egyptische kat na haar dood gemummifieerd en aldus naar de uiterlijkheden be waard wijzen op de trage evolu tie naar huisdier. Pas in de eerste eeuwen na Christus is zij als dus danig in onze streken ingevoerd. Vergeten wij in verband hiermede niet dat ten tijde van de Pharao's de uitvoer van deze kostbare mui zen- en sprinkhanenverdelgers, streng verboden was. Met de Kelten komen wij in West-Europa terecht. Bij hen was de kat in de eerste eeuwen na Christus bekend als huisdier. In Engeland werd ze reeds ingevoerd ten tijde dat Brittannië nog een Romeins wingewest was en Sint Patrick, de bekeerder van Ierland, evenals de monniken die hem ver gezelden, gebruikten de katten als slangenverdelgers. Een oud Iers manuscript uit de 9e eeuw, bekend als het Book of Kellsbevat overvloedige miniaturen en kat- tenafbeeldingen. In wetten van die tijd staan strenge strafbepalingen tegen kat- tendoders en wie op het mishan delen of doden van een kat betrapt Kunstschilder Adhémar Vandroemme toont ons een paar mooie itukkèn die gereed zijn voor de stoet: in de handen heeft hij het masker van de heks. In het midden van dr foto zien wij de sier lijke kat. die op de Egyptische wagen zal prijken en links de kop van 1Pietje Pek met onderaan een van zijn beweeglijke treuzenorzu». Germaanse wagen, die feitelijk Freya zal haar plaats krijgen bo- 2,50 m. doorsnede heeft. tische boeren met hun landbouw- alaam en ongetemde Keltische krijgers, die de oorspronkelijke zwaarddans uitvoeren, gaan de zwarte kat op haar zilveren troon, vooraf. Rond de troon zien wij Keltische druïden en meisjes met loverkransen. Ook hier paste muziek ter be geleiding van de zwaarddans. Deze muziek van de Keltische Zwaard dans werd door het N.I.R. in Ier land opgenomen en ter beschik king van de inrichters van de Kat testoet gesteld. FREYA EN HAAR KATTENGESPAN Door een wandschilderij in de Dom van Sleeswijk, een West- Duitse stad in het land van Slees- wijk-Holstein, kan men met enige zekerheid aannemen dat rond 1280 de kat in deze streken bekend was. Wij zien er twee heksenvoor gesteld, de ene rijdt op een kat, de andere op een bezem. In dezelfde reeks voorstellingen ontdekken wij ook de godin Freya, rijdend op een kat. Anderzijds is het volgens de Germaanse mythologie zo dat de godin Freya altijd door de wol ken rijdt op een wagen voortge trokken door katten. Schilders en beeldhouwers uit alle tijdstippen, beelden deze katten altijd uit als huiskatten. Nochtans moet de cul tus van Freya veel ouder zijn dan de aanwezigheid van de huiskatten bij de Germanen, waaruit mag be sloten worden dat vóór de aanwe zigheid van deze huisdieren het in de Germaanse wouden moet ge krioeld hebben van wilde katten. Dat de huiskat slechts veel later tot hier doordrong legt men uit door het feit dat de verspreiding van muis en rat en logisch daar opvolgend de verspreiding van de kat de vooruitgang van de graancultuur gevolgd heeft. Wel nu, de graancultuur nam pas na de Kruistochten (1096 tot 1270) hier ten volle uitbreiding. Freya met haar kattengespan gaf de Germanen echter de gele genheid in de Kattestoet vertegen woordigd te worden. Germaanse vissers, krijgers en stamhoofden gaan de wagen van Freya vooraf. Op een platte wagen van 7 m. lang werd een 5 meter hoge boom ge plaatst die kunstig gebeeldhouwd is en een Germaanse mythologi sche figuur voorstelt. Het is deze figuur die het vlak schraagt waar op de godin Freya, omringd door offergaven, gezeten is. Oorspron kelijk was voorzien dat een gespan van 20 katten wel te verstaan kloeke kerels met een kattenmas- ker! de wagen zou trekken. De wagen is echter te zwaar geble ken voor mensenarmen en men besloot de trekkarwei door een tractor, als kat gecamoufleerd, te laten opknappen. Het za) dus een gemotoriseerde kat zijn. De opvat ting van deze wagen is historisch volledig verantwoord want de uit voering geschiedde naar een mo del dat tijdens opgravingen ont dekt werd. Bij deze groep zal de Vierde Be weging uit de Fantastische Sym fonie van Berlioz voor het muzi kaal kader zorgen. PIETJE PEK EN DE HEKS 't Is om er kippenvlees van te krijgen als wij aan de volgende groep van de Kattestoet denken. Twintig kleine katten en dertig heksen met berken bezems dan sen de heksendans rond de dui velsrots waarop de Reuzenduivel Pietje Pek in ai zijn afschuwe lijke glorie troont en rook spuwt uit oren, mond e neus. De Reu zenduivel is 6,50 m. hoog. Daar achter volgt de heksenwagen die met heks en al 8,80 m. bereikt. Al de heksenattributen; spinnen, vleermuizen, geheimzinnige brouw ketels en distileerkolven, slangen en zandlopers, zijn er tegenwoor dig rond de heks die natuurlijk ook een uil en drie zwarte katten in haar hofhouding telt. Pietje Pek en de Heks brengen ons ten volle in de Middeleeuwen en meteen raken wij dichter aan de kern van het lepers Kattefeest. Het feit dat de katten altijd in het gezelschap verkeerden van hei dense godinnen als Bastet, Freya en andere, heeft haar geen deugd gedaan. Met haar meesters en meesteressen werd zij naar de on derwereld verwezen. De onschul dige kat werd de onafscheidbare gezellin van heksen en tovenaars. Het was zo in de Middeleeuwen en geloof nu maar niet dat deze heksengeschiedenissen reeds hele maal hebben afgedaan. Een kat heeft nu ook eenmaal de gewoon te altijd zo verschrikkelijk ge heimzinnig te doen. Recht voor de vuist is een kat nog nooit geweest. Een hond kan u trouw en recht in de ogen kijken. Een kat niet, 't past niet bij haar natuur. De duivel, Pietje Pek in hoogst eigen persoon, voelt zich dan ook op zijn plaats in het heksen- en kattengezelschap. De Vuurdans uit De Liefdetove naar van Manuel de Falla zal de?;e heksengeschiedenis nog wat griezeliger maken. Als technische bijzonderheid kunnen wij hier nog aan toevoegen dat de heks boven op de wagen beweegt waar door het allemaal nog veel meer echt en griezelig wordt. TYBAERT DE KATER Wanneer de kat een zo eervolle plaats inneemt in de geschiedenis en zij de grillen van de tijd even goed trotseerde als de kloekste Egyptische Pharao, dan moet het ons niet verwonderen dat wij haar ook in de letterkunde ver eeuwigd zien. In het meesterstuk Reinaert de Voseen dierenepos zonder weerga, dat ook aan grote men sen uit de 20" eeuw nog een ge noeglijke avond kan bezorgen, komt een ganse pleiade dieren op het podium doch er is slechts één van deze helden die op sommige ogenblikken de hoofdfiguur, Rei naert de Vos zelf, dreigt in de schaduw te stellen; Tybaert de Kater. Tybaert is geen valse kat maar wel een rechtschapen kater. Min achtend ziet hij de andere dieren voor koning Nobel kruipen en in al hun vleierij Reinaert de Vos zwart en vuil maken. Tybaert is uit ander hout gesneden en ver dedigt Reinaert zo /goed hij maar kan en wanneer Bruin de Beer in zijn zending, om de moedwillige vos naar het koninklijk hof te brengen, mislukt, trekt Tybaert moedig de baan op om Reinaert tot betere gevoelens te brengen. Maar helaas, Reinaert is een onverbeterlijke deugniet en hij kent maar al te goed de zwakke kanten van Tybaert die voor een vette muis zijn ziel zou verko pen. 't Loopt slecht af in de schuur van de prochiepaepe waar Tybaert door een opening lijke kaxos bij te pas. De zes fluit spelers geven natuurlijk voorna me muziek te horen, of liever ko ninklijke muziek zoals het in deze omgeving past. Zij spelen de So nate nr 48 voor fluit en de Sonate in ut van de koning en musicus Frederik de Grote. KINDERSPELEN Op letterkundig terrein zou het kattenmotief nog verder kunnen uitgepluisd worden en men zou gerust bij de Griekse fabeldichter Aisopos of bij de Franse dichter La Fontaine kunnen aankloppen om kattenhistories bij de vleet op te halen maar het zou dan wel een stoet zonder einde worden en er moet ook plaats geruimd vry> het meer volkse sr«u.re d«t didhter bi) Jrtt géwoiiO leven staat wij bedoelen de kinderspelen en de spreuken waar de kat haar staart in zwaait. Met een tamboer-kater op kop opent de fanfare der Ieperse Vrije Beroepsschool dit gedeelte van de stoet. Volgens de toonaard der In strumenten zijn het ln deze fan fare natuurlijk allemaal katers of katten. Twintig katjes en katertjes «pe len tussen wandelende bomen door het gekende kinderspel Katje- duik vervolgens zijn er frisse groepjes die aftelrijmpjes, met de kat als motief, voordragen. Een voorbeeld hiervan: Wize, wize, water, De kat die ligt ln 't water, De hond die ligt erbij, 't Is een schoon schilderij! Abberdaan, 't is gedaan] KATTESPREUKEN Men had gerust met dit onder werp alleen een volledige katte stoet mogen vormen, want de keu ze van kattespreuken is werkelijk onuitputtelijk. Men heeft er en kele van de meest treffende en meest plastische uitgezocht want Op papier ziet een Germaanse krijger er zó uit, naar het ontwerp van de tekenaar Frans Van Immerseel. De heksenwagen ziet er uit als een luguber geheel, met Men ver- stamde dan nog dat er leven en beweging zal in «ritten. naar binnen wipte en ln een strop terecht kwam. De Ieperse toneel groep Crescendo zal ln de Kat testoet deze voor Tybaert droe vige geschiedenis vertolken. Het wordt dus een mooi stukje open luchttoneel. Uit de geschiedenis van Reinaert de Vos wordt in de zelfde groep en wel op het tweede gedeelte van de wagen nog een andere episode uit het zelfde dierenepos vertolkt. Deze keer is het de trouwloze Reinaert die voor de troon van koning Nobel komt verhalen hoe Tybaert gepoogd heeft koning Nobel van de troon te verdringen. Het ge volg van deze beschuldiging is dat de kater tot de strop veroor deeld wordt. DE GELAARSDE KAT Om op het terrein der letter kunde te blijven brengt de vol gende groep een voorstelling van De Gelaarsde Kateen der wonderschone sprookjes van de Franse schrijver Oharles Perrault, hier ten tonele gebracht door de toneelafdeling van de Kunstkring Richtenen door toneelkring De Thuynegilde De gelaarsde kat van Perrault is van een heel ander maaksel dan haar voorgangers die altijd ergens een duister en verdacht rolletje speelden en meer onheil dan goed bijbrachten. Het verhaal is dit van een een voudige molenaar die maar drie dingen bezat; een molen om graan te malen, een ezel om het meel rond te voeren en een kat om de muizen te vangen. Toen de man stierf werden deze drie bezittin gen onder zijn drie zonen ver deeld, de oudste kreeg de molen, de tweede de ezel en de derde de kat. De jongste bekloeg er zich over dat zijn deel zo gering was maar kreeg op zijn bedenking wat is men met een katvan deze zelf voor antwoord dat kunt ge nog zo rap niet wetenEn het sprookje kent zoals alle sprookjes een mooi verloop, want de kat schafte zich laarzen en mooie klederen aan, ging tot bij de koning en deed deze geloven dat Hansje de molenaarsjongen, de berooide markies de Carabas is. Er komt verder een tovenaar, een prinses en een mooie konink- de ene spreuk leent zich al bete^- voor uitbeelding dan de andere: «Omwille van het smeer, likt de kat de kandeleer». Eerst wordt de spreuk, zoals ook bij de volgende gezegden, letterlijk uitgebeeld. In dit geval zijn het vier wandelende kandelaars met likkende katjes aan het afdruipend smeer. Wat de spreuk eigenlijk wil zeggen wordt verduidelijkt door de zeepbaron waarrond 10 arme dompelaars buigen, strelen en de mouw ve gen... En hoe dit dan vaak in het werkelijk leven gebeurt...? Kijk dan naar die grote kater met een regenboogsjerp rond de buik, naar de vijf katers-advocaten, de drie katers-rechters en de vijf katers- ministers. Ter verduidelijking dra gen al deze personages op muts of hoed een windhaan. Als een geschiedenis zonder woorden slui ten vier katers deze groep met de grote kaas Minder bekend als spreuk mis schien, doch niet minder sarcas tisch is het gezegde de kat op het dak Wat hiermede bedoeld wordt verduidelijken de katers met vol gende attributen: een lei met schulden in de herberg gemaakt, kredietkoopjes van auto, pelsman tel, enz..., onbetaalde leningen, huishuur ten achter, onbetaalde facturen, postwissels en ten slotte de aanslagbiljetten van de fiscus! Even duidelijk wordt uitgelegd wat het betekent: Een vogel voor de kat te zijn maar pas op voor de twee katers-chirurgen die elk een grote klisteerspuit han teren. De spreuk Als de kat van huis is» leent zich natuurlijk tot. een Breugheliaans toneel van de bo venste plank. De gekende Pope- ringse Ghybe-Gilde leidt de groep ln op de tonen van: «Waar kun nen wij nog beter zijn De kat stapt voorop met 'n grote valies waarop de onontbeerlijke etiketten van dure buitenlandse hotels prijken. Zij gaat op reis. Daarachter de muis-tamboer en muizen-accordeonisten. Dat het voor de rest een drinkersgroep is, spreekt vanzelf en aan het einde wordt dan ook een blik ge worpen op hetgeen op een derge lijk feest volgt, namelijk: Een kater hebben»; twintig oude zat lappen verduidelijken dit. Maar van dronkaard» en «pek-, kers gesproken, als zij laat naar huls komen vinden zij dikwijle de kat in de horloge Aan deze, voor vele mannen bit tere levenservaring, werd weinig figuratie verspild, 't Is echter over duidelijk gelijk het in ontelbare karikaturen werd uitgedrukt: de man die laat thuiskomt en zijn wederhelft die hem met de taart- rol afwacht... BELEGERING VAN DE KATTEBURCHT Niemand heeft meer vijanden dan de kat; ratten, muizen en honden haten haar. In de belege ring van de katteburcht wordt deze strijd uitgebeeld ln zijn ver schillende vormen: katten met muizen of ratten ln de bek en katten die met honden aan het vechten zijn. Het grote tafereel is de strijd om de macht; de katten houden oorlogsraad en de muizen, ratten en honden doen hetzelfde. Het be sluit hiervan is de aanval op de katteburcht, uitgebeeld op een wa gen. Een katergeneraal, bijgestaan door van top tot teen gewapende katten, verdedigt zich hardnekkig. De burcht wordt aangevallen door ratten, muizen en honden die van uit boten de versterking met ka nonnen beschieten. Deze artillerie zal echter meer over en naast de burcht schieten dan er op, want de munitie der kanonniers (200 kg, karamellen!!) is natuurlijk voor het publiek bestemd. Het moet hier wel ter verduide lijking vermeld worden dat de be legering van de katteburcht ons terugbrengt naar het begin van de ze merkwaardige kattestoet waar, in het historische gedeelte, over de Egyptische katteverering ge handeld werd. De held die hier de belegering van de katteburcht leidt is inder daad de muis Makit, een figuur die recht uit een oude Egyptische dierenlegende komt. Op papyrus sen en kalkscherven, waarvan exemplaren in verschillende Egyp- tologische musea bewaard zijn, vindt men tekeningen die deze legende weergeven en tekst die deze als volgt verduidelijken. De muis Makit had zich bij de godin Bastet, die zoals wij hoger zagen de kat onder haar bescher ming had, beklaagd dat een van zijn verwanten in de stad der Een oude rat opent als ceremo niemeester de «toet en het zijn vijf oude ratten die de met rouw befloerste trommen roeren. Op de slede, door ratten getrokken en omringd door muizen, die spade en roede dragen, ligt de kat vast gebonden. Vijf ratten en evenveel muizen die op. doedelzakken spe len besluiten, met hun guitige tronie, deze groep. EN DIE KAT KOMT WEER Neen, de kat die wij daar pas zagen voortsleuren op een slede Is wel door haar vijanden vastge bonden, maar 't is geen dode kat. En die kat komt weerzingt de koorafdeling van Richten ter begeleiding van de Reuzen- groep die het einde van de katte stoet aankondigt. Drie reuzen zijn hier van de partij: de reuzenkat «Cleper», de reus Goliath en de reus Robrecht de Fries. Wat tot verleden jaar gans de Kattestoet vormde is thans het slot van deze optocht. Door het revue-gezelschap De Optimisten en door B.J.B.-ruiters uitgebeeld treedt hier de groep aan van Graat Boudewijn. Het geval van de kat is het onderwerp der discussie van de Ieperse magistraten en burgers die in deze groep opstappen. De schilder Marcel Doel en zijn beide zonen, bewerken in de Ieper se Hallen de kattemaskers met borstel en pistool. Een van de wandelende kande laars waardoor de spreuk wordt uitgebeeld: Omwille van 't smeer likt de kat de kandeleer verwilderde kattenverslonden werd. Makit vroeg en verkreeg van Bastet de toelating om zich over dat ongehoord vergrijp te wreken. De godin had wellicht op de sluwheid en behendigheid van de kat' gerekend en aldus veron dersteld dat Makit bij het ten uit voer brengen van zijn plan met huid en haar in de kattemaag zou verdwijnen. Maar 't liep deze keer verkeerd met de kat. Makit riep muizen, ratten en hon den op ten strijde en al de vijan den van de kat trokken samen op naar de katteburcht waar storm rammen, pijlen, hogen en ander oorlogstuig in de strijd gebruikt werden. De katteburcht werd veroverd, Makit werd er tot koning ge kroond en liet zich aan tafel door katten dienen. In de Ieperse kattestoet wordt de strijd rond de katteburcht met muziek onderlijnd en wel met de vijfde beweging uit de Fantasti sche Symfonie van Berlioz. BEGRAFENIS VAN DE KAT De triomf van de kattevijanden, die noodzakelijk op de belegering van de katteburcht moest volgen, wordt in deze stoet op een tref fender wijze uitgebeeld dan door een dienstbaarheid aan haar vijan den. Ratten en muizen krijgen immers de gelegenheid hun erf vijand ten grave te dragen al is deze niet dood. Bepaalde vreemde elementen mogen ons hier niet verwonderen want het geheel is een Russische voorstelling en wel een satyre op de begrafenis van Tsaar Peter de Grote. De maquette van de Katteburcht waarrond in de Ieperse Katte stoet een gevecht op leven en dood geleverd wordt. Graaf Boudewijn te paard wordt gevolgd door de muzikanten van de College-fanfare, allen in nar- renpak. Want de Ieperse nar sluit ais een triomfator de stoet boven op de wagen die de oude Ieperse Hal len voorstelt. De nar is immers de held van de dag. Straks na de stoet, als ten aanschouwe van duizenden het kattevonnis zal geveld zijn op hel verhoog bij de Hallen, dan zullen die duizenden aanwezigen de nar in al zijn bewegingen volgen bij 't voltrekken van het kattevonnis. Met een zwierig gebaar zal hij de katjes, die een kostbaar premie- lint aan de hals dragen, uit de Halletoren werpen, als buit voor de grijpgrage menigte. IEPER DE KATTESTAD Met de vernieuwde kattestoet 1955 is leper in het nieuwe sta dium van zijn historische katte feesten getreden. De kat wordt op 6 Maart een embleem waarrond alles draait. Regisseur Ant. Van der Plaetse. die de algemene leiding heeft en Frans Van Imimerseel die de ont werpen tekende, hebben een ge heel weten te scheppen dat hun naam als kunstenaars waardig is. Zij hebben het pionierswerk van de Heren Mus en Merlevede tot een groots geheel weten om te bouwen. Wil men echter een dergelijk plan op heel de lijn doen slagen dan moet ook, bij het verdelen van het werk, voor iedere taak de geschikte man aan de hem pas sende taak gezet worden. Een bekwaam architect, dhr Henri Viaene, kreeg de technische lei ding toegewezen. Niemand minder dan Guido Van Overbeke, koorlei der van Richten nam de ver antwoordelijkheid voor de muzi kale leiding en wanneer wij dan een kunstenaar als dhr Adhémar Vandroemme aan de slag zagen voor het vervaardigen van die 500 maskers, zonder dan nog te spreken van de duivels- en de heksenkop, die wij beiden prach tig van lelijkheid kunnen noemen dan moeten wij toegeven dat leper alle troeven in handen heef! om de hoofdvogel af te schieten 'wat de feeststoeten 1955 betreft. 't Wordt een dure geschiede nis fluistert men te leper, maai iedereen draagt voor deze feeste lijkheden graag het zijne bij. Han del en nering worden er immer? mee gediend. leper, of is het Ypei met een Y zoals het op de plak brieven en plakzegeltjes van de kattefeesten staat, zal Zondag 6 Maart in het teken van de ka* staan. De Hallestad wordt die da? de Kattestad. Zij die op Zondag 6 Maart niet naar de kattestoet gaan kijken en liever hun kat zendenzullen daar spijt over hebben. GEMO.

HISTORISCHE KRANTEN

Het Wekelijks Nieuws (1946-1990) | 1955 | | pagina 16